Rijksoverheid

Netherlands Space Agency

‘In de toekomst zullen we satellietdata steeds harder nodig hebben’

Met satellietdata kunnen we crises beter voorspellen en bestrijden. Dat zegt Jan van der Poel van KCR2.

Overstromingen, natuurbranden, stormen. In zowel Nederland als de bijzondere gemeenten Bonaire, Sint Eustatius en Saba krijgen we er zo nu en dan mee te maken. Jan van der Poel van KCR2 verspreidt satellietdata in de nasleep van crises, maar gebruikt ze ook om ze in de toekomst beter te voorspellen.

Nederland werd in het voorjaar van 2026 geteisterd door
natuurbranden. Wat deed u toen?

‘Bij zo’n crisis probeer je de situatie ter plaatse en de mogelijke gevolgen zo snel mogelijk, zo goed mogelijk in beeld te krijgen. Bij een natuurbrand op de Veluwe, het Brabantse heidegebied of een militair oefenterrein vragen wij ons af: welk gebied is precies getroffen? Hoeveel rook is daarbij ontstaan? En waar gaat die rook naartoe? Deze informatie is cruciaal voor de veiligheidsregio’s en de hulpdiensten, die objectieve informatie nodig hebben om te kunnen handelen.’

Aandachtsgebeiden met een hogere kans op het ontstaan van natuurbranden

U zegt ‘we’. Over wie heeft u het dan?

‘Wij zijn KCR2. Dat staat voor Centrum voor Operationele Informatie- en Crisiscoördinatie. Bij een bovenregionale of landelijke crisis- of noodsituatie zorgen wij dat veiligheidsregio’s en hulpdiensten over dezelfde relevante en actuele informatie beschikken. Dit kan informatie uit een meldkamer zijn, maar ook sensordata, dronebeelden en satellietdata.’

Hoe presenteert u al deze informatie, zodat hulpverleners op de grond ermee kunnen werken?

‘We maken wat we een ‘dynamisch multibeeld’ noemen. Eén geografische kaart waarin je alle informatie bij elkaar ziet komen. Hier stoppen we ook waarnemingen uit het Satellietdataportaal in. Satellietdata geven een objectief beeld van de situatie ter plaatse, bijvoorbeeld na een overstroming. Dan kun je bepalen: hoe ver is water buiten de kades gegaan? Hoeveel hulpverleners zijn er aanvullend nodig? En welke wegen zijn nog begaanbaar?’

Voorkomen is beter dan genezen. Kunnen satellietdata ook helpen om een crisis te voorkomen?

‘Daar doen we, samen met betrokken partners, veel onderzoek naar. Bijvoorbeeld door vegetatiecondities te analyseren en de ontwikkeling van droogte beter te monitoren. Zo zie je waar de kans op natuurbranden het grootst is. Bij naderende overstromingen kunnen we voorspellen waar het water hoogstwaarschijnlijk naartoe zal gaan en waar de impact van de overstroming het grootst zal zijn. En dat doen we niet alleen voor Nederland. Met satellietbeelden bereiden we ook hulpscenario’s voor op de BES-eilanden.’

Bij verhoogde waterstanden veranderen de meetpunten en naastgelegen effectgebieden qua kleur

Kunt u daar een voorbeeld van geven?

‘Het eiland Saba heeft één belangrijke toegangsweg vanaf de haven, Fort Bay. Als een storm of een orkaan het eiland raakt, is die toegangsweg ongelooflijk belangrijk. Met behulp van satellietdata kun je een impactanalyse doen. Zo zijn de hulpverleners op het eiland, maar ook mensen die vanuit andere landen komen, voorbereid op wat ze aantreffen.’

U werkt nu vijftien jaar binnen het veiligheidsdomein. Is er in die tijd veel veranderd?

‘Absoluut. Je ziet dat de kwaliteit van satellietbeelden toeneemt: de resolutie wordt hoger en de beelden komen steeds sneller beschikbaar. Dat laatste is belangrijk, zeker in crisissituaties, waarin elk uur telt. Wat ook van belang is: een goed toegankelijk archief met historische satellietbeelden. Door goed te kijken wat er in het verleden is gebeurd, kun je modellen maken voor betere ondersteuning bij crises in de toekomst.’

Hoe ziet de toekomst in uw vakgebied eruit, denkt u?

‘Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met hitte, droogte, bodemdaling, wateroverlast en natuurbranden. Daar moeten we ons samen op voorbereiden. Het belang van satellietdata hierbij kun je bijna niet overschatten. Daarom praat ik er veel over met collega’s en juist ook bij de partners waarmee we samenwerken. Informatiegestuurde veiligheid, daar werken we naartoe. En dat begint altijd met het verzamelen van objectieve, betrouwbare informatie. Kortom: in de toekomst zullen we satellietdata steeds harder nodig hebben.’